Kaalheid en ongewenst haarverlies


Recent onderzoek laat zien dat rond 1/3 van de vrouwen problemen heeft met ongewenst haarverlies, kaalheid of ongezonde haren. Rond 95% van de mannen krijgt vroeg of laat te maken met ongewenst haarverlies. Veel van deze mensen lijden daaronder en starten een zoektocht om een natuurlijke oplossing te zoeken als alternatief voor een haartransplantatie en/of pruik.

We verliezen bij een normale haardos dagelijks tot 100 haren. Bij lang haar is dat meer zichtbaar dan bij kort haar. Toch kan er het vermoeden zijn van meer haarverlies dan normaal. De vraag is hoe komen we dat te weten? En, indien dit het geval is, hoeveel is er al verloren?

Voordat kaalheid  met het blote oog zichtbaar is, is 50 % van de haren al verdwenen. Afhankelijk van de snelheid van haarverlies kan dit 10 tot 15 jaren duren voordat het bemerkt wordt. Dat zijn voor een haartherapie verloren jaren. Hoe vroeger begonnen wordt met het voorkomen van haarverlies, des te beter het resultaat is. Daarom dat vroege diagnostiek zo belangrijk is.

Met de allernieuwste haarmeting kan door middel van een haircheck het groei- en/of haarverlies proces in kaart worden gebracht.

Bij elk vermoeden van meer haarverlies dan normaal, of bij genetische belasting, kan nu de haarkwaliteit worden gemeten. Hiervoor hoeft er geen haar te worden verwijderd. Wel dient het haar minimaal 3 cm lang te zijn om een betrouwbare meting uit te voeren. Ook het effect van de haartherapie kan worden beoordeeld met deze meting.

Is uw haar beschadigd of gebroken? Ook dat wordt in de meting beoordeeld. Deze haircheck meting is de enige wetenschappelijk onderbouwde methode die haarverlies en haargroei buiten de researchlaboratoria kan meten.

Om tot een juiste behandeling te komen is het nodig eerst de mogelijke vormen en oorzaken te beoordelen.

Alopecia generalisata. Dit is een auto-immuunziekte waarbij alle haarzakjes over het gehele lichaam worden aangetast. Men heeft dus ook geen lichaamsbeharing meer. Ook bepaalde geneesmiddelen en vergiftiging kunnen leiden tot deze haaruitval ( bijvoorbeeld chemotherapie).

Alopecia areata. Hier ontstaan een of meer kale plekken. De oorzaak is onbekend, maar een immunologische oorzaak is waarschijnlijk. De plekken kunnen spontaan verdwijnen.

Hormonale haaruitval. Deze vorm kan ontstaan door een overmaat aan mannelijke hormonen of problemen met de receptoren van deze hormonen. Ook een tekort aan schildklierhormoon of bijnierhormoon kan haaruitval veroorzaken. Zwangerschap en menopauze zijn eveneens uitlokkende factoren.

Telogene haaruitval. Ook hier is de oorzaak onbekend. Vaak ziet men dit een drietal maanden na een koortsende ziekte of na een klimaatswisseling ( verre reis). Ook toxische stoffen kunnen een rol spelen.

Gezonde haren worden opgebouwd van binnenuit. Naast het behandelen van de mogelijke oorzaken is een gezonde voedingstoestand van belang. Er zijn bepaalde voedingsstoffen die op de haren een bijzonder effect hebben. We besteden hier ook aandacht aan.

In een eerste consult wordt het probleem besproken. Indien het vermoeden bestaat van een interne, meestal hormonale afwijking, zal een onderzoek en mogelijke behandeling besproken worden.

Hiernaast kunnen we plaatselijk werken. Een mix van natuurlijke stoffen worden met micro injecties in de hoofdhuid geplaatst. Deze stoffen bevorderen de groei van de haarfollikel. Ook werken we met de autologe therapie. Hierbij worden eigen bloedplaatjes gewonnen. Deze bevatten een enorm aantal groeifactoren, welke eveneens met micro injecties de hoofdhuid worden ingebracht.

De plaatselijke therapie is niet zinvol bij haarfollikels die volledig verdwenen zijn. Meestal is dit als de haren op de betreffende plek langer dan drie jaar verdwenen zijn.

Het aantal behandelingen is afhankelijk van de soort haaruitval en is als basis 3 tot 6 maal met een tussenpauze van 2 weken. Bij androgene haaruitval zal er om de 3 tot 6 maanden een herhaling moeten plaatsvinden.